ECLI:NL:RBDHA:2024:11906
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Gülen-aanhanger uit Turkije wegens ontbreken geringe indicaties vervolgingsgevaar
Eiseres, een Turkse nationaliteit houdende vrouw en sympathisant van de Gülen-beweging, verzocht asiel in Nederland vanwege vermeende vervolgingsgevaar bij terugkeer naar Turkije. Haar vader was veroordeeld als Gülen-aanhanger en zij stelde dat zij in Turkije maatschappelijk werd buitengesloten en onderdrukt. Eiseres vertrok in 2021 naar Peru en later naar Nederland, waar zij actief was voor een Gülenstichting.
De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af op basis van het beleid voor Turkije dat sinds december 2023 geldt, waarbij geringe indicaties voor vervolging vereist zijn. De rechtbank oordeelt dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij dergelijke geringe indicaties heeft, mede omdat zij niet in negatieve aandacht stond van Turkse autoriteiten, geen strafrechtelijk dossier heeft en legaal Turkije kon verlaten.
De rechtbank overweegt dat de beleidswijziging slechts een beperkte aanscherping is en dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd voor haar vrees. Ook haar activiteiten in Nederland en de situatie in Peru bieden geen concrete aanwijzingen voor vervolging. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ontbreken van geringe indicaties voor vervolgingsgevaar.