ECLI:NL:RBDHA:2024:1189
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking voorlopige voorziening bij opschorting bijstandsuitkering
Verzoekster diende een verzoek om voorlopige voorziening in tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Den Haag waarin haar bijstandsuitkering per 1 augustus 2023 werd opgeschort en beëindigd.
Naar aanleiding van een nieuwe aanvraag op 15 november 2023 kende het college op 17 januari 2024 een voorschot toe van €1.094,96, waardoor het spoedeisend belang van de voorlopige voorziening verviel en verzoekster haar verzoek introk.
De voorzieningenrechter stelde het college in de gelegenheid te reageren op het verzoek om proceskostenveroordeling, waarop het college geen bezwaar maakte.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college in de proceskosten moet worden veroordeeld en stelde de vergoeding vast op €875,-, exclusief het griffierecht dat wordt teruggestort.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op 6 februari 2024 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van €875,- aan proceskosten aan verzoekster.