ECLI:NL:RBDHA:2024:11884
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag familie- of gezinslid ondanks beschermenswaardig familieleven
Eiseres, een staatloze vrouw van Palestijnse afkomst woonachtig in Syrië, diende een mvv-aanvraag in voor verblijf als familie- of gezinslid bij haar dochter (referente) in Nederland. Verweerder wees de aanvraag af omdat er volgens hem geen meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie bestond en de belangenafweging in het nadeel van eiseres uitviel, mede vanwege het economisch belang van de Nederlandse staat.
Tijdens de procedure erkende verweerder dat er wel degelijk sprake is van familieleven in de zin van artikel 8 EVRM Pro, maar handhaafde de afwijzing op basis van een belangenafweging die het economisch belang van Nederland en het restrictieve toelatingsbeleid zwaar liet meewegen. De rechtbank concludeerde dat verweerder een fair balance heeft gevonden en dat het economisch belang en de beperkte inspanningen van referente om inkomsten te genereren terecht zwaar wogen.
Hoewel het beroep gegrond is verklaard omdat het beschermenswaardig familieleven ten onrechte werd ontkend, blijven de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Verweerder mocht de aanvraag afwijzen. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De mvv-aanvraag wordt afgewezen ondanks het beschermenswaardig familieleven vanwege een fair balance die het economisch belang van Nederland zwaar laat meewegen.