Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser (gemachtigde: mr. S.A.S. Jansen),
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister werd afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van zijn biseksuele geaardheid en de daarmee samenhangende problemen. De rechtbank behandelde het beroep op 7 mei 2024 en concludeerde dat eiser onvoldoende diepgang en authenticiteit in zijn verklaringen bood over zijn seksuele geaardheid en de impact daarvan binnen zijn streng islamitische familie en samenleving.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat eiser wisselende verklaringen gaf over de omstandigheden van een gevecht in de bossen waarbij een persoon om het leven kwam, en dat dit afbreuk deed aan de geloofwaardigheid van zijn asielrelaas. De minister had ook terecht geoordeeld dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij een individueel reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer naar Gambia, mede omdat hij sinds aankomst in Nederland geen contact meer had met de mensensmokkelaar en de autoriteiten hulp kunnen bieden.
De rechtbank verwierp het beroep en bevestigde de afwijzing van de asielaanvraag als ongegrond. Eiser kreeg geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter J.J. Catsburg op 11 juli 2024.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardige biseksuele geaardheid en onvoldoende aannemelijkheid van het risico bij terugkeer.