ECLI:NL:RBDHA:2024:10984
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft bij besluit van 25 april 2024 deze aanvraag niet in behandeling genomen, op grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van haar asielverzoek volgens de Dublinverordening.
Verzoekster heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag en tevens een voorlopige voorziening gevraagd om het besluit tijdelijk te schorsen. De rechtbank heeft in een gelijktijdige zaak (zaaknummer NL24.18364) het beroep ongegrond verklaard, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening verviel.
De voorzieningenrechter heeft daarom het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter N.M. van Waterschoot en bekendgemaakt op 16 juli 2024.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet-in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt afgewezen.