Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
Hij die opzettelijk geweld pleegt tegen de beschermde goederen van een internationaal beschermd persoon wordt, indien daardoor gevaar voor de veiligheid of de vrijheid van die persoon te duchten is, gestraft (…)”. In artikel 87b, eerste lid, Sr wordt – voor zover van belang – onder internationaal beschermd persoon verstaan: “
een vertegenwoordiger of een functionaris van een Staat of een functionaris of een andere vertegenwoordiger van een internationale intergouvernementele organisatie, die, op het tijdstip waarop en ter plaatse waar een misdrijf tegen hemzelf, de door hem gebruikte officiële gebouwen, zijn particuliere woning of zijn vervoermiddel wordt gepleegd, ingevolge het internationale recht aanspraak kan maken op bijzondere bescherming tegen een aanslag op zijn persoon, vrijheid of waardigheid, alsmede de inwonende gezinsleden”. Van belang is verder dat tussen het gepleegde geweld en het te duchten gevaar voor de veiligheid of de vrijheid van de internationaal beschermde persoon een causaal verband moet bestaan. Gevaar kan worden omschreven als de reële mogelijkheid van schade voor het desbetreffende, door het recht beschermde rechtsgoed.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
30 (DERTIG) MAANDEN;
,vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 21 maart 2024 tot de dag waarop dit bedrag is betaald, ten behoeve van [naam];