ECLI:NL:RBDHA:2024:10920
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel
Verzoekers hebben bij besluiten van 13 juni 2024 een niet-ontvankelijkverklaring ontvangen op hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hiertegen hebben zij beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 3 juli 2024 behandeld, waarbij verzoekers niet aanwezig waren vanwege verhindering. De minister werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
De rechtbank heeft inmiddels uitspraak gedaan op het beroep, waardoor de voorzieningenrechter oordeelde dat een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Om die reden zijn de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter N.M. van Waterschoot en is openbaar gemaakt op rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvragen is afgewezen.