Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , V-nummer: [nummer] , eiser
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
Thematisch Ambtsbericht Turkije” van juli 2019 [4] .
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Turkse nationaliteit en Koerdische afkomst, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege vermeende discriminatie en vervolging door Turkse autoriteiten, mede vanwege politieke activiteiten van zijn vader en zus bij de HDP en PKK. Hij stelde onder meer lastiggevallen te zijn door veiligheidsdiensten, naakt gefouilleerd te zijn en vreest gedwongen militaire dienst.
Verweerder achtte enkele feiten geloofwaardig, zoals ID-controles en arrestatie van de vader, maar verwierp de koppeling met etniciteit of politieke activiteiten wegens onvoldoende onderbouwing. Ook achtte verweerder het lidmaatschap van de vader bij de HDP niet aannemelijk en concludeerde dat de problemen niet direct aan eiser konden worden toegeschreven.
De rechtbank volgde verweerder in het oordeel dat het asielrelaas grotendeels op vermoedens berustte en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij persoonlijk gevaar loopt. Ook werd gewezen op het late asielverzoek en eerdere legale verblijven in andere Schengenlanden zonder asielaanvraag.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de asielaanvraag als kennelijk ongegrond afgewezen op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder h van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank wees ook op een abusieve vertrektermijn in het besluit, die direct vertrek voorschrijft.
De uitspraak is gedaan door rechter H. Hanssen - Telman en griffier R. de Boer, en kan worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond.