Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 4 juni 2024 een maatregel van bewaring op aan eiser op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser, van Algerijnse nationaliteit, stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank behandelde het beroep op 24 juni 2024 en oordeelde dat de zware gronden waarop de maatregel is gebaseerd, waaronder het niet op voorgeschreven wijze binnenkomen en het onttrekken aan toezicht, niet door eiser werden betwist en feitelijk juist en voldoende gemotiveerd zijn. De rechtbank vond dat deze gronden op zichzelf voldoende zijn om de maatregel te dragen.
Eiser voerde aan dat een lichter middel passend zou zijn omdat hij een leven in Frankrijk wil opbouwen en zich niet zal onttrekken aan de autoriteiten. De rechtbank verwierp dit omdat eiser geen verblijfsrecht in Frankrijk heeft en de maatregel gericht moet zijn op terugkeer naar Algerije, waar eiser niet aan wil meewerken.
Ambtshalve toetsing leidde tot de conclusie dat de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek rechtmatig was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.