ECLI:NL:RBDHA:2024:1023
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting na intrekking verblijfsvergunning
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd in te trekken, een terugkeerbesluit te nemen en een inreisverbod van tien jaar uit te vaardigen. Hij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening die de uitzetting opschort totdat op het bezwaar is beslist en de beroepstermijn is verstreken.
De staatssecretaris heeft geen verzet aangetekend tegen het verzoek voor zover het ziet op het niet uitzetten van verzoeker totdat een beslissing op het bezwaar is genomen. De voorzieningenrechter heeft de zaak buiten zitting afgedaan en het verzoek toegewezen, omdat er sprake is van onmiddellijke spoed en geen beletselen voor toewijzing.
Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 875,-. De uitzetting blijft achterwege tot vier weken na de beslissing op het bezwaar. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting wordt opgeschort tot vier weken na beslissing op bezwaar.