ECLI:NL:RBDHA:2024:10155
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublin-verantwoordelijkheid Duitsland
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van 2 mei 2024 waarin hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen omdat Duitsland volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb zonder zitting uitspraak gedaan. Gelijktijdig met de hoofdzaak (zaaknummers NL24.19299 en NL24.19301) is op 1 juli 2024 uitspraak gedaan.
De verzoeken om een voorlopige voorziening zijn afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op de hoofdberoepen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvragen wordt afgewezen.