ECLI:NL:RBDHA:2023:9785

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
6 juli 2023
Publicatiedatum
6 juli 2023
Zaaknummer
NL23.13682
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen aanvullend terugkeerbesluit afgewezen wegens onvoldoende toegespitste gronden

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een aanvullend terugkeerbesluit van 16 april 2023, waarin de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid zich richt op terugkeer naar Mongolië. Eerder was haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel buiten behandeling gesteld met een terugkeerbesluit.

Eiseres is op 1 mei 2023 vrijwillig teruggekeerd naar Mongolië met hulp van het IOM. De rechtbank overweegt dat er procesbelang is vanwege een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uit 2012. De gronden van het beroep zijn echter onvoldoende toegespitst op het bestreden besluit.

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.W. Wassink en griffier R. de Boer en is openbaar gemaakt op rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking.

Uitkomst: Het beroep tegen het aanvullend terugkeerbesluit is ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.13682

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiseres,

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. M. Rasul),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(mr. A. Wildeboer).

Procesverloop

Bij besluit van 16 april 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiseres een aanvullend terugkeerbesluit opgelegd.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit op 5 mei 2023 beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft partijen uitgenodigd voor de zitting van 5 juli 2023. Partijen hebben bericht niet te zullen verschijnen. De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1. Bij besluit van 19 augustus 2016 heeft verweerder de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel buiten behandeling gesteld en onder rechtsgevolgen vermeld dat dit besluit tevens geldt als terugkeerbesluit. In het besluit is geen land van terugkeer vermeld.
2. Op 16 april 2023 is eiseres, voorafgaand aan het opleggen van een maatregel tot bewaring, gehoord. Daarbij heeft eiseres naar voren gebracht dat zij geen asiel wil aanvragen en wil terugkeren naar Mongolië.
3. Bij het bestreden besluit heeft verweerder -samengevat- opgenomen dat de Nederlandse overheid zich zal richten op terugkeer naar Mongolië. Op 1 mei 2023 is eiseres vrijwillig met hulp van het IOM teruggekeerd naar Mongolië.
4. Gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 6 september 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:381) zal procesbelang worden aangenomen. De gronden van beroep kunnen evenwel niet afdoen aan het bestreden besluit, reeds nu deze
onvoldoende zijn toegespitst op hetgeen met het bestreden besluit wordt beoogd.
5. Het beroep is ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.W. Wassink, rechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.