ECLI:NL:RBDHA:2023:9729
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep asielaanvraag wegens tegemoetkoming
Verzoeker, van Congolese nationaliteit, stelde op 12 april 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 12 februari 2022. Op 25 mei 2023 werd het asielverzoek ingewilligd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, waarna verzoeker het beroep introk en een vergoeding van proceskosten vorderde.
De rechtbank heeft verweerder in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek tot proceskostenvergoeding. Verweerder stemde in met een vergoeding van €418,50 voor het indienen van het beroep. De rechtbank baseert haar oordeel op artikel 8:54, eerste lid, Awb, en de bepalingen omtrent proceskostenvergoeding in de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De rechtbank constateert dat verweerder aan het beroep is tegemoetgekomen en dat de toezegging tot vergoeding van proceskosten is gedaan. Daarom veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van €418,50 aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. de Groot en griffier F.Q. Peters en openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskostenvergoeding.