ECLI:NL:RBDHA:2023:9602
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening zorg- en huurtoeslag op basis van aangepast toetsingsinkomen
Eiseres maakte bezwaar tegen de herziening van haar zorg- en huurtoeslag over 2021, waarbij de Belastingdienst/Toeslagen de toeslagen op nihil had gesteld en het teveel betaalde voorschot wilde terugvorderen op basis van een hoger vastgesteld toetsingsinkomen.
De rechtbank oordeelt dat het toetsingsinkomen van € 28.884, zoals vastgesteld door de inspecteur en geregistreerd in de Basisregistratie Inkomen (BRI), leidend is voor de toeslagberekening. De door eiseres aangevoerde aftrekposten zijn reeds in dit inkomen verwerkt en de vermeende nabetaling van loon uit 2017 is niet relevant voor het jaar 2021.
De rechtbank stelt vast dat de terugvordering van de te veel betaalde toeslagen niet kan worden gematigd omdat er geen bijzondere omstandigheden zijn die dit rechtvaardigen. De financiële situatie van eiseres en haar verhuizing naar een dure vakantiewoning vormen geen bijzondere omstandigheden in de zin van het beleid.
Het beroep is daarom niet-ontvankelijk voor zover het zich richt tegen het oorspronkelijke bestreden besluit en ongegrond voor zover het zich richt tegen het herzieningsbesluit van 31 januari 2023. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestreden besluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het herzieningsbesluit ongegrond.