ECLI:NL:RBDHA:2023:9148
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen inreisverbod wegens overschrijding vrije termijn en artikel 8 EVRM
Eiseres, met de Surinaamse nationaliteit, kreeg bij besluit van 24 september 2022 een inreisverbod van twee jaar opgelegd wegens overschrijding van de vrije termijn voor verblijf in Nederland. Eiseres stelde dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met haar persoonlijke omstandigheden, waaronder het regelen van een vrijwillige terugkeer naar Suriname, en dat het inreisverbod een schending van artikel 8 EVRM Pro inhoudt.
De rechtbank constateert dat eiseres de vrije termijn daadwerkelijk heeft overschreden en dat verweerder haar persoonlijke omstandigheden heeft meegewogen bij het besluit. Eiseres heeft echter niet toegelicht welke omstandigheden leiden tot strijd met artikel 8 EVRM Pro en heeft geen bewijsstukken overgelegd ter onderbouwing.
Gelet op het beleid dat een inreisverbod niet wordt uitgevaardigd indien dit een schending van artikel 8 EVRM Pro oplevert, en het ontbreken van voldoende onderbouwing door eiseres, oordeelt de rechtbank dat verweerder terecht het inreisverbod heeft uitgevaardigd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.