Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 7 oktober 2022 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend.
De rechtbank heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld zonder zitting. Eiser stelde dat de uitzetting onvoldoende voortvarend werd aangepakt, onder meer vanwege het ontbreken van een recent vertrekgesprek en de langdurige behandeling van zijn laissez passer-aanvraag door de Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank oordeelde echter dat er wel degelijk zicht is op uitzetting en dat eiser onvoldoende meewerkt aan de vaststelling van zijn identiteit, wat de procedure vertraagt.
Verder heeft verweerder meerdere pogingen gedaan om een vertrekgesprek te voeren en contact te onderhouden met de Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek rechtmatig was en dat er geen aanwijzingen zijn dat dit sindsdien is veranderd.
Daarom faalt het beroep en wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.