ECLI:NL:RBDHA:2023:8768
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing dwangsom wegens niet tijdig beslissen op aansprakelijkstelling burn-out
Eiseres stelde verweerder op 23 februari 2016 aansprakelijk voor haar burn-out. Verweerder reageerde op 3 maart 2016 met een brief waarin werd aangegeven dat een mediationtraject was gestart en dat inhoudelijke reactie zou volgen als mediation niet slaagde.
Eiseres betoogt dat verweerder nooit een besluit heeft genomen op haar aansprakelijkstelling en eist een dwangsom wegens niet tijdig beslissen. Verweerder stelt dat de brief van 3 maart 2016 wel een besluit bevatte en dat er geen sprake is van termijnoverschrijding.
De rechtbank oordeelt dat de brief van 3 maart 2016 een beslissing heeft aangehouden in afwachting van mediation die tot november 2016 liep. De latere brieven van eiseres uit 2017 en 2018 zijn geen geldige ingebrekestellingen, mede omdat deze onredelijk laat zijn ingediend en niet duidelijk als zodanig zijn gemotiveerd.
Daarom is geen dwangsom verschuldigd. Ook is geen beroep wegens niet tijdig beslissen ingesteld en zijn aangekondigde rechtsmaatregelen uitgebleven. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de dwangsom wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de dwangsom wegens niet tijdig beslissen wordt afgewezen.