ECLI:NL:RBDHA:2023:8306

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 mei 2023
Publicatiedatum
8 juni 2023
Zaaknummer
23_2323
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:3 Huisvestingsverordening Zoetermeer 2019Art. 8:83 lid 3 AwbArt. 8:82 lid 3 AwbArt. 8:41 lid 6 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om voorlopige voorziening tegen aanwijzing actiegebied 23 bungalows niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht

Op 9 maart 2023 publiceerde het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer het besluit tot aanwijzing van 23 bungalows als actiegebied, waaronder de woning van verzoekster. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter stelde vast dat griffierecht betaald moet worden bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening. Verzoekster werd op 28 maart 2023 aangetekend verzocht het griffierecht binnen twee weken te voldoen, met de waarschuwing dat bij uitblijven van betaling het verzoek niet-ontvankelijk zou worden verklaard.

Verzoekster betaalde het griffierecht niet binnen de gestelde termijn en gaf ook geen reden voor het uitblijven van betaling. Daarom verklaarde de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 23/2323

uitspraak van de voorzieningenrechter van 19 mei 2023 in de zaak tussen

[verzoekster], uit [woonplaats], verzoekster

en

het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer, verweerder

(gemachtigde: P. Seitzinger).

Als derde-partij neemt aan het geding deel: De Goede Woning, te Zoetermeer,

Procesverloop

Op 9 maart 2023 heeft verweerder het besluit ‘Aanwijzen actiegebied 23 bungalows Westergo’ gepubliceerd waarmee 23 bungalows, waaronder die van verzoekster, worden aangewezen as actiegebied. [1]
Hiertegen heeft verzoekster bezwaar aangetekend en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten. [2]

Overwegingen

1. Iemand die een verzoek om voorlopige voorziening indient, moet griffierecht betalen. Als het griffierecht niet of niet tijdig wordt betaald, verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht betrokkene niet kan worden toegerekend. [3]
2. Bij aangetekende nota van 28 maart 2023 is verzoekster verzocht om het griffierecht te betalen, en is aangegeven dat als betaling niet binnen twee weken geschied het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De voorzieningenrechter constateert dat het verschuldigde griffierecht door verzoekster niet is voldaan, en dat de termijn om dit te doen inmiddels is verstreken. Ook heeft verzoekster geen reden aangedragen waarom zij heeft nagelaten het griffierecht te betalen. Vanwege het uitblijven van de betaling verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening
niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.H. van der Poort-Schoenmakers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. B.D.A. Mantingh, griffier. De beslissing uitgesproken in het openbaar op 19 mei 2023.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Als bedoeld in artikel 1:3 van Pro de Huisvestingsverordening Zoetermeer 2019.
2.Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
3.Artikel 8:82, derde lid, van de Awb in samenhang met artikel 8:41, zesde lid, van de Awb.