ECLI:NL:RBDHA:2023:7522
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen oplegging inreisverbod van twee jaar wegens te laat verlaten EU
Eiser, een Tadzjiekse nationaliteit, kreeg een inreisverbod van twee jaar opgelegd omdat hij de EU niet tijdig had verlaten. Dit besluit is genomen op grond van artikel 66a van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwistte niet dat hij de EU te laat had verlaten, maar voerde aan dat verweerder niet verplicht was het inreisverbod op te leggen, dat er een motiveringsgebrek was en dat hij ten onrechte niet was gehoord.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was het inreisverbod op te leggen en dat de motivering voldoende was, aangezien de grondslag (te laat verlaten EU) niet werd betwist en geen nadere motivering vereist was. Daarnaast was eiser in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen en te worden gehoord, maar hij maakte hier geen gebruik van.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter E.I. Terborg-Wijnaldum en griffier N.F. van der Gouw op 15 maart 2023 te Haarlem.
Uitkomst: Het beroep tegen het opleggen van een tweejarig inreisverbod wegens het niet tijdig verlaten van de EU is ongegrond verklaard.