ECLI:NL:RBDHA:2023:7292
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen kennelijk ongegronde afwijzing asielaanvraag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar asielaanvraag op 10 februari is afgewezen als kennelijk ongegrond. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om het bestreden besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting behandeld en daarbij overwogen dat bij een gelijktijdige uitspraak in een gerelateerde zaak (zaaknummer NL23.4632) het beroep reeds is behandeld. Gezien deze omstandigheden wordt het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt afgewezen.