Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
Kaukab Alradi, eiseres
[minderjarige],
geboren op [geboortedatum]
[minderjarige],
geboren op [geboortedatum]
[minderjarige]
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 12 maart 2022. Verweerder heeft op 22 december 2022 alsnog een besluit genomen waarin de asielaanvraag werd ingewilligd. De rechtbank heeft eiseres verzocht te melden of zij het beroep wilde intrekken, maar zij heeft niet gereageerd, waardoor het beroep werd gehandhaafd.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk is omdat verweerder inmiddels een besluit heeft genomen binnen de wettelijke kaders en de ingebrekestelling rechtsgeldig was. Het beroep tegen het besluit van 22 december 2022 is ongegrond omdat het besluit de asielaanvraag heeft ingewilligd en geen bestuurlijke dwangsom is toegekend.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft geoordeeld dat het uitsluiten van bestuurlijke dwangsommen in asielprocedures niet in strijd is met het Unierecht, maar het afschaffen van rechterlijke dwangsommen wel. De rechtbank volgt deze lijn en veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres ter hoogte van €418,50.
Uitkomst: Beroep tegen niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk; beroep tegen besluit ongegrond; verweerder veroordeeld in proceskosten.