ECLI:NL:RBDHA:2023:6792
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in bestuursrechtelijke zaak
Verzoekster is op 19 december 2022 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen door verweerder op haar aanvraag. Verweerder nam op 2 januari 2023 alsnog een beslissing, waarna verzoekster het beroep introk en vergoeding van proceskosten vorderde.
De rechtbank oordeelt dat verweerder geen bezwaar heeft tegen het betalen van de proceskosten, aangezien deze niet heeft gereageerd op het verzoek. Omdat de beslissing pas na het instellen van het beroep is genomen, is vergoeding van proceskosten passend.
De vergoeding wordt vastgesteld op een vast bedrag van € 418,50, gebaseerd op een puntensysteem voor het indienen van het beroepschrift met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de beperkte aard van het geschil. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoekster.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 418,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.