ECLI:NL:RBDHA:2023:6632
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in bestuursrechtelijke procedure
Verzoeker is op 4 oktober 2022 in beroep gegaan omdat de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Nadat verweerder alsnog op 17 januari 2023 een beslissing nam, trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de proceskosten moet betalen omdat de beslissing pas na het instellen van het beroep is genomen. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener inschakelde, is een vast bedrag aan proceskosten van toepassing volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Gezien het beperkte onderwerp van de procedure, namelijk de overschrijding van de beslistermijn, wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast, waardoor verzoeker een vergoeding van €418,50 ontvangt. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.