ECLI:NL:RBDHA:2023:6340
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn opvolgende asielaanvraag van 23 juni 2021. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek ingewilligd bij besluit van 10 maart 2023. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een bestuursorgaan kan worden veroordeeld in de proceskosten indien het geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan het beroep. Nu de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist maar alsnog heeft toegegeven, is aan het beroep tegemoetgekomen.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de beperkte aard van het beroep. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter W. Anker en griffier E.C. Jacobs en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan verzoeker.