ECLI:NL:RBDHA:2023:5655
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf, proceskostenveroordeling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) ten behoeve van een derde persoon. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris alsnog het gevraagde besluit genomen, waardoor het beroep feitelijk is komen te vervallen.
De rechtbank stelt vast dat het beroep daardoor kennelijk niet-ontvankelijk is wegens gebrek aan procesbelang. Desondanks oordeelt de rechtbank dat de staatssecretaris gehouden is de door eiser gemaakte proceskosten te vergoeden, omdat het bestuursorgaan alsnog aan het verzoek van eiser heeft voldaan tijdens de procedure.
De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem met een lichte wegingsfactor, en daarnaast moet het griffierecht van €184 worden vergoed. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Beroep niet-ontvankelijk verklaard en staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.