ECLI:NL:RBDHA:2023:5530
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen overdracht op grond van Dublinverordening
Verzoeker is op grond van een besluit van 3 april 2023 overgedragen aan de autoriteiten van Duitsland volgens de Dublinverordening. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd om niet uitgezet te worden voordat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter overweegt dat de overdrachtstermijn volgens de Dublinverordening zes weken bedraagt, maar dat het beroep mogelijk niet binnen deze termijn kan worden behandeld, waardoor onverwijlde spoed aanwezig is. Het belang van verzoeker om aanwezig te zijn bij de behandeling van zijn beroep weegt zwaarder dan het belang van verweerder om de overdracht eerder te effectueren.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegekend en het bestreden besluit geschorst. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en de overdracht aan Duitsland wordt geschorst tot de behandeling van het beroep is afgerond.