De rechtbank Den Haag behandelde op 14 maart 2023 het verzoek tot voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2007 met autismegerelateerde problematiek. De minderjarige vertoonde negatief en zelfbepalend gedrag, accepteerde geen gezag, liep regelmatig weg en was geschorst van school. Ondanks eerdere hulpverlening waren de zorgen over zijn ontwikkeling toegenomen.
De kinderrechter oordeelde dat het dringend noodzakelijk was de minderjarige voorlopig onder toezicht te stellen en uit huis te plaatsen in een voorziening voor netwerkpleegzorg, waar hij reeds verbleef. De ouders verzette zich niet tegen de ondertoezichtstelling, maar tegen voortzetting van de huidige plaatsing. De kinderrechter erkende de zorgen van de ouders, maar vond dat een passend alternatief ontbrak en dat de huidige situatie onveilig was.
De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door kinderrechter S.M. Borkent. De ondertoezichtstelling geldt van 16 maart 2023 tot 7 juni 2023, met machtiging voor uithuisplaatsing gedurende dag en nacht. De jeugdbeschermer wordt opgedragen de plaatsing nauwlettend te monitoren en oog te houden voor de zorgen van de ouders. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.