Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 7 juli 2022 te ’s-Gravenhage met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 1] en/of een derde toebehoorde(n), door [slachtoffer 1] een mes te tonen en/of dat mes in haar richting te wijzen en/of daarbij de woorden toe te voegen: "Ik wil al het geld!" en/of "mevrouw ik ga u niet neersteken als u meewerkt. Doe het geld in het tasje", althans woorden van gelijke dreigende aard en strekking;
hij op of omstreeks 23 juli 2022 te ’s-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 2] te dwingen tot de afgifte van een geldbedrag, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 2] en/of een derde toebehoorde(n) aan [slachtoffer 2] een mes heeft getoond en/of dat mes in die richting van [slachtoffer 2] heeft gericht en/of daarbij de woorden heeft toegevoegd: "Ik wil al het geld hebben", terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 23 juli 2022 te ’s-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld een kassière van [bedrijf 3] te dwingen tot de afgifte van een aansteker en/of de kluis, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 3] (gevestigd aan [adres 2] ) en/of een derde toebehoorde(n) aan die kassière een mes heeft getoond en/of daarbij de woorden heeft toegevoegd: 'Ik wil een aansteker en ik wil de kluis"
en/of “geef me geld” althans woorden van gelijke aard of strekking, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
3.De bewijsbeslissing
4.De bewezenverklaring
hij op 7 juli 2022 te ’s-Gravenhage met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag
van [bedrijf 1] , door [slachtoffer 1] een mes te tonen en dat mes in haar richting te wijzen en daarbij de woorden toe te voegen: "Ik wil al het geld!" en "mevrouw ik ga u niet neersteken als u meewerkt. Doe het geld in het tasje";
hij op 23 juli 2022 te ’s-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 2] te dwingen tot de afgifte van een geldbedrag
van [bedrijf 2] , aan [slachtoffer 2] een mes heeft getoond en dat mes in die richting van [slachtoffer 2] heeft gericht en daarbij de woorden heeft toegevoegd: "Ik wil al het geld hebben", terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op 23 juli 2022 te ’s-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld een kassière van [bedrijf 3] te dwingen tot de afgifte van enig goed,
van [bedrijf 3] (gevestigd aan [adres 2] ), aan die kassière een mes heeft getoond en daarbij de woorden heeft toegevoegd: “geef me geld” althans woorden van gelijke aard of strekking, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De op te leggen straf en maatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
166 (HONDERDZESENZESTIG) DAGEN;
terbeschikkingstellingvan de verdachte;
van overheidswege zal worden verpleegd.