Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende op 23 juni 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 15 november 2021. Vervolgens heeft de staatssecretaris bij besluit van 29 juni 2022 de asielaanvraag ingewilligd. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) de rechtbank bij intrekking van het beroep, indien het bestuursorgaan geheel aan het beroep tegemoet is gekomen, het bestuursorgaan kan veroordelen in de proceskosten. Gezien de niet tijdige besluitvorming en het alsnog honoreren van de aanvraag, is verweerder geheel aan het beroep tegemoetgekomen.
De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenvergoeding toe en stelt deze vast op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). De wegingsfactor 'licht' wordt toegepast omdat het beroep uitsluitend ziet op het niet tijdig nemen van een besluit. De uitspraak is gedaan door rechter W. Anker en griffier S.C. Spruijt.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.