ECLI:NL:RBDHA:2023:3688
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Colombiaanse vrouw wegens onvoldoende bewijs bedreigingen ex-partner
Eiseres, een vrouw met de Colombiaanse nationaliteit, vroeg asiel aan uit vrees voor bedreigingen en geweld door haar ex-partner, een voormalig drugsbaron. Zij stelde sinds het einde van hun relatie in 2008 continu bedreigd te zijn, met een incident in 2019 waarbij haar dochter gewond raakte. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees haar asielaanvraag af als kennelijk ongegrond, stellende dat er onvoldoende bewijs was van de gestelde bedreigingen en dat eiseres lange tijd onbeschadigd in Colombia had verbleven.
De rechtbank behandelde het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening op 16 februari 2023. Eiseres kon onvoldoende onderbouwen dat zij het doelwit was van het schietincident en overhandigde geen documenten ter ondersteuning van haar verhaal. Ook werd haar tegengeworpen dat zij geen aangifte had gedaan en dat zij niet direct bij aankomst in Europa asiel had aangevraagd.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris terecht de geloofwaardigheid van eiseres betwijfelde, mede vanwege tegenstrijdige verklaringen over haar verblijf en asielwens. Het verzoek om geen inreisverbod op te leggen werd afgewezen omdat dit reeds onherroepelijk was vastgesteld in een eerdere procedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep op de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.