ECLI:NL:RBDHA:2023:3554
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-behandeling asielaanvraag wegens Dublinverordening en indirect refoulement
Eisers, van Iraakse nationaliteit en behorend tot de Jezidi-gemeenschap, vroegen asiel aan in Nederland, maar hun aanvragen werden niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Eisers stelden dat zij niet adequaat konden reageren op de aanmeldgehoren en dat dit in strijd was met artikel 6 EVRM Pro, maar de rechtbank oordeelde dat de procedure conform het Vreemdelingenbesluit 2000 correct was verlopen.
Eisers voerden ook aan dat hun medische situatie, waaronder suikerziekte, hernia en depressieve klachten, een humanitaire behandeling in Nederland rechtvaardigt. De rechtbank vond echter dat Duitsland vergelijkbare medische zorg biedt en dat het interstatelijke vertrouwensbeginsel geldt, waardoor Nederland mag vertrouwen op de medische voorzieningen in Duitsland.
Verder stelden eisers dat Duitsland geen bescherming biedt aan Jezidi's uit Irak en dat zij daardoor risico lopen op indirect refoulement. De rechtbank stelde dat eisers niet voldoende aannemelijk maakten dat er een evident en fundamenteel verschil in beschermingsbeleid bestaat tussen Nederland en Duitsland, noch dat de hoogste Duitse rechter het beschermingsbeleid afkeurt. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de niet-behandeling van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard.