ECLI:NL:RBDHA:2023:3157
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser, een Egyptische asielzoeker, diende op 10 september 2022 een asielaanvraag in in Nederland. Verweerder nam deze niet in behandeling omdat Duitsland op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling, wat door Duitsland is geaccepteerd.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet geldt vanwege een hoger afwijzingspercentage in Duitsland en dat zijn zaak daar niet goed is beoordeeld. Tevens stelde hij dat psychische klachten een overdracht onmogelijk maken. De rechtbank oordeelde dat het aan eiser was om aannemelijk te maken dat het beschermingsbeleid in Duitsland evident en fundamenteel verschilt, hetgeen niet is gelukt.
De rechtbank stelde vast dat het Duitse besluit zorgvuldig is getoetst door meerdere rechterlijke instanties en dat de psychische klachten niet zodanig zijn dat overdracht ernstige en onomkeerbare gevolgen zou hebben. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.