Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , verzoeker V-nummer: [V Nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.674,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.
Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 17 januari 2023 behandeld. Verzoeker was aanwezig met een gemachtigde en tolk, terwijl de verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat de bodemzaak reeds is behandeld en uitspraak is gedaan. Wel is de verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 1.674,-, welke aan de rechtsbijstandverlener betaald moeten worden vanwege de verleende toevoeging.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter L.A. Banga en griffier M.A.W.M. Engels op 23 januari 2023. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de Staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.