ECLI:NL:RBDHA:2023:2430

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 maart 2023
Publicatiedatum
2 maart 2023
Zaaknummer
NL23.2863
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens reeds besliste beroepszaak

Verzoekster, een Nigeriaanse asielzoeker, had beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. Zij verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 24 februari 2023, waarbij verzoekster en haar gemachtigde niet verschenen. De gemachtigde van de staatssecretaris was wel aanwezig.

De voorzieningenrechter oordeelde dat aangezien op het beroep inmiddels al uitspraak was gedaan in zaak NL23.2862, een voorlopige voorziening niet langer nodig was. Daarom werd het verzoek afgewezen. Verzoekster werd geen proceskostenvergoeding toegekend.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter T.A. Oudenaarden en is onherroepelijk, aangezien tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen omdat op het beroep al is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.2863

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , verzoekster,

geboren op [geboortedatum] ,
van Nigeriaanse nationaliteit,
V-nummer: [nummer]
Ook namens haar zoon
[naam],
geboren op [geboortedatum] ,
van Nigeriaanse nationaliteit,
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. T. Bruinsma),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris

(gemachtigde: mr. J.H.A. van Eijk).

Inleiding

1. In het besluit van 30 januari 2023 heeft de staatssecretaris verzoeksters asielaanvraag niet in behandeling genomen op de grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
1.1
Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening verzocht.
1.2
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL23.2862, op
24 februari 2023 op zitting behandeld. Aan de zitting heeft deelgenomen: de gemachtigde van de staatssecretaris. Verzoekster en de gemachtigde van verzoekster zijn niet verschenen.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. In de uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.2862, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.
3. Verzoekster krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.A. Oudenaarden, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.M. Lok, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.