Uitspraak
REchtbank den haag
Gemeente Krimpenerwaard,
Rechtbank Den Haag
Eiseres maakte op 23 januari 2021 een fietstocht over de dijk 'Noord' te Krimpen aan den Lek, waar zij ten val kwam doordat haar fietsband tegen een opstaande stalen rand van twee centimeter hoog kwam. Zij vorderde een schadevergoeding van €10.000 wegens materiële en immateriële schade, stellende dat de gemeente naliet haar te waarschuwen voor de gevaarlijke rand en dat deze onzichtbaar was.
De gemeente voerde aan dat zij ruim voor het ongeval waarschuwingsborden had geplaatst, de rand had opgeruwd en gemarkeerd met witte verf, en dat het hoogteverschil conform de CROW-richtlijnen was. Ook betwistte zij de omvang van de schade en het letsel.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente met haar maatregelen de kans op valpartijen vrijwel had geëlimineerd. Het geringe hoogteverschil van maximaal twee centimeter vormt geen gebrek. Fietsers moeten rekening houden met dergelijke hoogteverschillen, zeker in het buitengebied en bij duidelijke waarschuwing. De val van eiseres was het gevolg van een ongelukkige stuurbeweging en niet van een gebrek aan veiligheid van de weg.
Daarom werd de vordering afgewezen en eiseres veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door kantonrechter M. Nijenhuis op 30 maart 2023.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiseres in de proceskosten.