Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiseres werd op 14 november 2023 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 in het kader van grensbewaking. Zij stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding. De maatregel werd op 23 november 2023 opgeheven vanwege capaciteitsgebrek bij de IND.
De rechtbank beoordeelde of de tenuitvoerlegging van de maatregel voorafgaand aan de opheffing onrechtmatig was. Eiseres voerde aan dat de screening niet tijdig had plaatsgevonden en dat de vrijheidsontneming onrechtmatig was vanaf uiterlijk de tweede dag na het aanmeldgehoor. Verweerder stelde dat de screening de dag na het aanmeldgehoor had plaatsgevonden en dat tussentijdse afwegingen werden gemaakt.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende voortvarend had gehandeld en dat het aan verweerder was om te bepalen of de zaak in de grensprocedure kon worden behandeld. Er was geen bewijs dat de zaak zich evident niet leende voor de grensprocedure. Ook het capaciteitsgebrek dat leidde tot de opheffing van de maatregel werd voldoende concreet toegelicht. Er was geen aanleiding te veronderstellen dat de maatregel eerder had moeten worden opgeheven of dat deze voor eiseres onevenredig bezwarend was.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.