ECLI:NL:RBDHA:2023:21625
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag.
De rechtbank heeft het beroep op 28 november 2023 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren. De rechtbank beoordeelt het beroep aan de hand van de aangevoerde beroepsgronden, waaronder het betoog dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Duitsland niet langer geldt vanwege verslechterde opvangomstandigheden en gebrek aan kosteloze rechtsbijstand.
De rechtbank oordeelt dat uit het AIDA-rapport 2022 blijkt dat de opvang in Duitsland tijdelijk onder druk staat, maar dat er geen sprake is van aan het systeem gerelateerde tekortkomingen die een situatie van verregaande materiële deprivatie veroorzaken. Daarnaast is niet gebleken dat eiser geen effectief rechtsmiddel in Duitsland heeft. De staatssecretaris mocht daarom uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.