Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten
copingvaardigheden. Daarnaast zal er onderzoek naar zijn persoonlijkheid en psychotische kwetsbaarheid kunnen plaatsvinden wanneer hij abstinent is.”
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een verzoek van een Poolse gedetineerde om zijn overlevering aan Polen te verbieden, omdat hij psychische stoornissen heeft die in Polen niet adequaat zouden worden behandeld. De rechtbank stelt vast dat de Internationale Rechtshulpkamer (IRK) driemaal de overlevering heeft toegestaan en dat deze beslissingen direct uitvoerbaar zijn.
De eiser baseert zijn verzoek op recente psychiatrische en psychologische rapporten die zijn zorgbehoefte onderstrepen, en een e-mail van een Poolse advocaat die zou wijzen op onvoldoende zorg in Polen. De rechtbank oordeelt echter dat deze gegevens onvoldoende concreet en objectief zijn om een reëel gevaar op onmenselijke of vernederende behandeling aan te tonen.
De rechtbank benadrukt dat het beoordelen van de overleveringsvoorwaarden exclusief aan de IRK toekomt en dat het verzoek om garanties voor psychiatrische zorg niet gerechtvaardigd is zonder aannemelijk bewijs van dreigende schending van fundamentele rechten. De vordering wordt afgewezen en de eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot verbod op overlevering aan Polen wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.