ECLI:NL:RBDHA:2023:20919
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking asielbesluit wegens veilig derde land
Verzoeker diende een beroep in tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk werd verklaard omdat Mauritanië als veilig derde land werd beschouwd. Vervolgens trok de Staatssecretaris het bestreden besluit in, waarna verzoeker het beroep introk en een verzoek indiende tot vergoeding van proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat de intrekking van het besluit een tegemoetkoming aan verzoeker vormde, waardoor de Staatssecretaris veroordeeld kon worden tot vergoeding van de proceskosten die verzoeker had gemaakt voor de beroepsmatige rechtsbijstand. De hoogte van de proceskosten werd vastgesteld op € 837,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De rechtbank deed uitspraak zonder zitting en veroordeelde de Staatssecretaris tot betaling van dit bedrag. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier L.M. Janssens-Kleijn op 26 oktober 2023.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 837,- aan proceskosten na intrekking van het asielbesluit.