ECLI:NL:RBDHA:2023:20820
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen feitelijke overdracht naar Litouwen wegens asielprocedure
Verzoeker, van onbekende nationaliteit, heeft een aanvraag tot verblijfsvergunning asiel ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Litouwen verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit, dat kennelijk ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde verzoeker verzet in en maakte bezwaar tegen de feitelijke overdracht naar Litouwen.
De voorzieningenrechter overweegt dat de feitelijke overdracht gepland staat op 13 september 2023, terwijl het verzoek om een voorlopige voorziening minder dan 24 uur daarvoor is ingediend. Hierdoor is het organisatorisch onmogelijk om het verzoek voorafgaand aan de overdracht te behandelen. Verzoeker wil zijn standpunt over het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Litouwen op een zitting bespreken.
De voorzieningenrechter treft daarom een ordemaatregel die de staatssecretaris verbiedt verzoeker uit te zetten totdat op het verzoek om voorlopige voorziening en het verzet is beslist. Tevens wordt iedere verdere beslissing aangehouden. Partijen worden uitgenodigd voor een zitting op 18 september 2023 waar de voorlopige voorziening en het verzet worden behandeld.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verbiedt de uitzetting van verzoeker naar Litouwen totdat op het verzoek om voorlopige voorziening en het verzet is beslist.