ECLI:NL:RBDHA:2023:2046
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens verantwoordelijkheid België
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat België verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 17 februari 2023, waarbij verzoeker niet aanwezig was en verweerder werd vertegenwoordigd door een gemachtigde. Omdat de rechtbank in een gerelateerde zaak (NL23.2254) op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan over het beroep, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer nodig.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 22 februari 2023 en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.