ECLI:NL:RBDHA:2023:20350
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende vergewisplicht
Eiser had een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) gekregen om als specialiteitenkok Chinese keuken te werken. Na twijfel over de echtheid van het door eiser overgelegde koksboekje vroeg de staatssecretaris advies aan het UWV en Bureau Documenten. Bureau Documenten concludeerde dat het koksboekje waarschijnlijk niet bevoegd was opgemaakt, terwijl het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau (NFO) het document als authentiek beoordeelde. Het UWV baseerde zijn negatieve advies op de verklaring van Bureau Documenten, wat leidde tot intrekking van de mvv.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris onvoldoende heeft voldaan aan zijn vergewisplicht zoals voorgeschreven in artikel 3:2 Awb Pro. Het negatieve UWV-advies was onvoldoende gemotiveerd en niet inzichtelijk, met name omdat het niet duidelijk was waarom de printtechniek van de stempelafdruk leidde tot twijfel aan de kwalificaties van eiser. Ook was onduidelijk waarom het UWV geen waarde hechtte aan het tegenonderzoek van het NFO. Verder was het voor de rechtbank onduidelijk hoe de werkervaring van eiser werd meegewogen, terwijl het UWV eerder positief had geadviseerd op basis van dezelfde informatie.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit niet kan worden gebaseerd op het negatieve advies en de verklaringen van Bureau Documenten. Het besluit is in strijd met artikel 3:2 Awb Pro en wordt vernietigd. De staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. Daarnaast wordt eiser een proceskostenvergoeding toegekend van €1.674,-.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de mvv wordt vernietigd.