ECLI:NL:RBDHA:2023:20141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing onrechtmatige vreemdelingenbewaring na bijna elf maanden
Eiser is sinds 28 januari 2023 in vreemdelingenbewaring gehouden op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel is op 19 juli 2023 verlengd met maximaal twaalf maanden. Eiser heeft tegen het voortduren van de bewaring beroep ingesteld en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de identiteit en nationaliteit van eiser inmiddels zijn vastgesteld en dat er zicht is op uitzetting naar Marokko. De staatssecretaris heeft voldoende voortvarend gewerkt aan de uitzetting, onder meer door rappelleren bij de Marokkaanse autoriteiten en het voeren van vertrekgesprekken met eiser.
Desondanks weegt de rechtbank het belang van eiser om in vrijheid te worden gesteld zwaarder dan het belang van de staatssecretaris bij het voortduren van de bewaring, vanwege de bijna elf maanden durende bewaring en de onzekerheid over de termijn waarbinnen een laissez-passer wordt afgegeven. De bewaring wordt daarom onrechtmatig geacht en met ingang van heden opgeheven.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat de onrechtmatigheid samenvalt met de dag van opheffing. De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De rechtbank heft de bijna elf maanden durende vreemdelingenbewaring op wegens onrechtmatigheid.