ECLI:NL:RBDHA:2023:19911
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen voorschriften omgevingsvergunning kelderuitbreiding
Eiser heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het vergroten van zijn kelder. Verweerder heeft de vergunning verleend met voorschriften, waaronder isolatie-eisen en een veiligheidsplan met constructievoorstel voor funderingsverlaging. Eiser maakte bezwaar tegen deze voorschriften en stelde dat de kelder niet geïsoleerd hoeft te worden en dat het voorschrift voor funderingsverlaging onterecht is.
Na gedeeltelijke herroeping van het primaire besluit bleef het voorschrift over funderingsverlaging van kracht. Eiser stelde ook beroep in tegen het niet tijdig beslissen, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verweerder inmiddels een besluit had genomen. De rechtbank oordeelde dat de beslistermijn correct was verlengd en dat het besluit tijdig was genomen, waardoor geen dwangsom verschuldigd was.
De rechtbank vond dat verweerder terecht het bouwplan toetste aan de isolatie-eisen van het Bouwbesluit, aangezien de kelderuitbreiding als bijbehorend bouwwerk wordt aangemerkt. Ook was het voorschrift over het veiligheidsplan met constructievoorstel voor funderingsverlaging redelijk, gezien de risico's bij grondwerkzaamheden nabij funderingen. De rechtbank verwierp het beroep van eiser en verklaarde het ongegrond. Eiser kan een nieuwe aanvraag indienen als hij op andere wijze aan isolatie-eisen wil voldoen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 6 januari 2022 is ongegrond en het beroep tegen niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk verklaard.