Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 4 oktober 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 8 juni 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 24 oktober 2023 alsnog de asielaanvraag ingewilligd. Hierop heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak gedaan zonder zitting. Volgens artikel 8:75a Awb kan de rechtbank bij intrekking van het beroep, indien het bestuursorgaan aan het beroep tegemoet is gekomen, het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten.
Gezien het feit dat de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist maar alsnog de aanvraag heeft ingewilligd, is het beroep geheel gehonoreerd. De rechtbank acht het verzoek tot proceskostenvergoeding kennelijk gegrond en veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag.