ECLI:NL:RBDHA:2023:1978
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na afwijzing asielaanvraag
Verzoekster heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 16 januari 2023 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is aan verzoekster een inreisverbod voor de duur van twee jaar opgelegd en is zij opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten.
Tegen dit besluit heeft verzoekster beroep ingesteld (zaaknummer NL23.2066) en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd om het besluit tijdelijk te schorsen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 10 februari 2023 behandeld, waarbij verzoekster is verschenen met haar gemachtigde en een tolk.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de rechtbank op het beroep uitspraak heeft gedaan, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep tegen het bestreden besluit inmiddels uitspraak is gedaan.