ECLI:NL:RBDHA:2023:19413
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag kennelijk niet-ontvankelijk verklaard
Eiser heeft op 25 juni 2022 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Nadat de staatssecretaris niet tijdig op deze aanvraag had beslist, stelde eiser de staatssecretaris bij fax van 2 oktober 2023 in gebreke. Vervolgens diende eiser op 16 oktober 2023 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat het is ingediend voordat de wettelijke termijn van twee weken na de ingebrekestelling was verstreken. Artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt immers dat een beroepschrift tegen het niet tijdig nemen van een besluit pas kan worden ingediend nadat deze termijn is verstreken.
De rechtbank verklaart het beroep dan ook kennelijk niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. de Groot en griffier A.E. Geçer, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg indienen.