Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 837,00.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar deze is niet in behandeling genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met een bodemzaak en concludeerde dat een voorlopige voorziening niet langer nodig was vanwege de uitspraak in de bodemzaak. Daarom werd het verzoek afgewezen.
Wel werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de door verzoekster gemaakte proceskosten, vastgesteld op € 837,00 volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M. Eversteijn en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 837,00 proceskosten.