ECLI:NL:RBDHA:2023:19015
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel wegens Dublin-verantwoordelijkheid Italië
Verzoekers hebben een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen. De reden hiervoor was dat Italië verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling van hun asielaanvragen op grond van het Dublin-verdrag.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 16 februari 2023 behandeld. Omdat op die datum reeds uitspraak is gedaan in de gerelateerde zaak (NL23.1919), achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Het verzoek om een voorlopige voorziening is daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat reeds uitspraak is gedaan in een gerelateerde zaak.