ECLI:NL:RBDHA:2023:18755
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 27 oktober 2023, waarin de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure als kennelijk ongegrond werd afgewezen.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een soortgelijke zaak (NL23.34775) op 20 november 2023 behandeld, waarbij de gemachtigde van de staatssecretaris aanwezig was, maar verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen.
De voorzieningenrechter overweegt dat aangezien de hoofdzaak inmiddels is behandeld en uitspraak is gedaan in zaaknummer NL23.34775, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen.